25-01-07

Eindelijk echt lopen...

Daarnet ben ik dus EINDELIJK nog eens gaan lopen. Nu wou het toeval natuurlijk dat ik de eerste keer in dagen die scheenbenen nog eens voelde, maar ik was echt niet binnen te houden.

Ik heb het wel rustig aan gedaan: een kwartiertje gelopen, telkens 200 meter en zo 10 maal, met recuperatietijd ertussen.

Die nieuwe loopschoenen zijn veel beter dan die oude, die in vergelijking met deze wel klompen lijken! Ook de hartslagmeter omgedaan, maar waar de foodpod perfect werkte, meette hij mijn hartslag pas toen ik net gedaan had... Strange. Als het niet verbetert, lees ik de handleiding nog eens grondig (is sowieso eens nodig...) of keer ik ermee terug naar VO2 om uitleg te vragen.

 

Ruth had gisteren een slechte dag (veel te lang gewerkt) en daarom kon ze, tot haar spijt, niet lopen, maar vandaag ging ze er weer tegenaan.

 

Straks gaan we naar een optredentje van Liesbeth hier vlakbij in de Hotsy Totsy. Daarom, ondanks mijn enthousiasme, toch een kort verslag vandaag.

 

Naar aanleiding van gedichtendag: geen song of the day, maar een gedicht van de dag van mijn goede vriend Bernard De Bruyckere. Zijn bundel "De Nieuwe Keizer spreekt" wordt in mei uitgegeven bij Prometheus, en ik vond hem vandaag in een speciale bloemlezing voor gedichtendag in het Poƫziecentrum. Ik ben uitermate blij voor hem dat hij eindelijk de erkenning krijgt die hij verdient. Ik ben altijd een van zijn eerste lezers geweest, en bij "De Nieuwe Keizer spreekt" heb ik onmiddellijk na lezing gezegd: "Dit kunnen ze niet weigeren." Toch heeft het nog twee jaar geduurd. Maar kwaliteit drijft boven... Lees het gedicht maar en geef gerust een reactie!

 

Hierbij zijn gedicht dat in de bloemlezing 'Vonken' staat:

 

nachtschade

modern devoot
en popelend

schraap ik de woorden van mijn keel
en weeg ze tussen tong en tand

het is een ziekte

iets wat je opdoet

en niet meer kwijtraakt

een gesprongen adertje

dat kronkelt door de hersendrab
die instaat voor de goede orde

van dromen en visioenen

's nachts zweet ik met mijn ogen open
en overdag moet ik de vorstlaag
van mijn nauwe stemspleet stropen

mijn uren zijn te dicht
bevolkte kloostercellen
waarin ik liploos
mijn geloftes tel

haal de gordijnen op!
zet alle ramen open!

langs de brandladders van mijn zinnen
lok ik iedereen naar binnen

om mijn bedrading te betasten
en mijn gewrichten los te zingen

 

copyright: Bernard De Bruyckere